Indiablog

Van 1 tot 31 augustus maken 32 studenten van de Faculteit Theologie (KU Leuven) een studiereis doorheen India. Tijdens de reis zullen ze uitgebreid kennismaken met de religieuze rijkdom van dit fascinerende subcontinent. Op deze blog brengen zij dagelijks verslag uit van hun ervaringen...
Dag 9 (zondag 9 augustus): Varanasi
’s Morgens in de vroegte, nog voor de dauwdruppels, die hier toch niet vallen...
Om 6.30 uur werden we wakker geklopt door onze enthousiaste wekdames. Aangezien we vandaag om 7 uur in de mis verwacht werden, was het dan ook hoog tijd om op te staan. Na een vlugge wasbeurt kon de nieuwe dag beginnen. Toen wij stipt op tijd in de kapel aankwamen, bleken we niet de eersten te zijn. De meeste leerlingen en zusters zaten immers al ijverig te wachten. Iedereen was keurig en kleurrijk aangekleed en uitgedost. Net zoals in iedere moskee of tempel worden hier ook kerken uit respect en voor de hygiëne blootsvoets betreden.

De viering kon beginnen. Father Paul ging samen met twee andere priesters voor. Ze werden bijgestaan door twee misdienaars. De opbouw van de mis was hetzelfde als in België, al verstonden we er inhoudelijk helemaal niks van aangezien father Paul hoofdzakelijk Hindi sprak. Het muzikale aspect was wederom erg mooi verzorgd. Enkele zangeressen zongen alle liederen voor. Hierbij werden ze ondersteund door een harmonium, tabla’s, een kabassa en een bellenkrans. De eucharistieviering vormde een mooi geheel.

Hierna werden we bij het ontbijt verwacht. Na het dagelijkse kommetje cornflakes en boterhammen met confituur kregen we een klein uurtje tijd dat door de meeste groepsleden benut werd om kleren te wassen. Het is onze laatste dag hier in Nav Sadhana. Daarom wordt er vandaag een beetje ruimte gemaakt om onze bagage terug in orde te maken zodat we morgen onze reis met een gerust hart verder kunnen zetten.
Workshops: bloed, zweet en tranen
Gedurende de rest van de voormiddag werden er workshops ingericht die door de leerlingen van Nav Sadhana begeleid werden. We hadden de keuze tussen Indische dans, zang en tabla. Heel leuk en interessant, maar ook héél erg moeilijk, zo bleek al snel. Bij de tablalessen ging het er hevig aan toe. Onze leraressen waren lief en hadden veel geduld. Toch hebben we deze dames grijze haren bezorgd. We waren geen modelleerlingen. Na het aanleren van de slagtechniek kreeg nog bijna niemand geluid uit de kleine trom die ze hier ‘tabla’ noemen. De bastrom – de taga – ging iets vlotter. Toen we beide handen moesten combineren en we verondersteld werden ritmes zoals ‘ta-din-din-ta’ en ‘dha-ge-na-ti-na-ka-di-na’ (?) te spelen, liep het voor de meesten onder ons helemaal mis. Enkele getalenteerde medestudenten slaagden er wel in de opdracht tot een goed einde te brengen. Na twee uur waren sommigen omwille van de hoge moeilijkheidsgraad een beetje ontmoedigd. Het lied dat ons in het Hindi werd aangeleerd was dan ook zeer welkom. Dat we het lied later ook eigenhandig zouden moeten begeleiden, was toen nog niet tot ons doorgedrongen.

Bruno, Gertjan, Lotte en Jeremie vormden een kleine, maar dappere groep van zangstudenten. We stonden toch wel ons mannetje of vrouwtje tussen onze zes leraressen. We gingen van start met een initiatie Indisch harmonium waardoor we ook de Indische notenleer ontdekten. Al snel schakelden we over op zang en weerklonk de sa-re-ga-ma-pha-da-ni-sa (toonladder) doorheen het zanglokaal en daarbuiten. We deden hier enkele variaties op als stemoefeningen (Alkar) en waren algauw klaar voor het grote werk. Dat waren twee typische gebedsliederen, waarvan het tweede tweestemmig. Na toch wat bloed, zweet en tranen kregen we deze prachtige liederen onder de knie. Zo goed zelfs dat we het plan smeedden om na de les met ons viertjes een mini-concert voor de ganse Belgische en Indische groep ten beste te geven.

Ook bij de dansers werd er hard gewerkt. Wij, uw verslaggevers van vandaag, waren niet op deze workshop aanwezig maar na een uitgebreid gesprek met onze medestudenten kunnen we in ieder geval besluiten dat het even intensief en moeilijk was. Onze dansers en danseressen moesten voortdurend door hun benen zakken en vreemde houdingen aannemen. Ze leerden een gebedsdans en er werden verschillende Goden ( Shiva, Vishnu, Lakshmi en Ganesha) uitgebeeld. Op het einde werd er besloten met enkele typische westerse klassiekers zoals de In Zaïre, de Sirtaki, de Macarena en een wals.


Toen de groep na de lessen terug volledig was werden we door de zangers en zangeres getrakteerd op een mooi optreden. Zelfs de Indische studenten stonden er versteld van! Hierna volgde een gezamenlijk en iets pikanter middagmaal. Opnieuw een prachtige kans tot onderlinge uitwisseling. Na fijne gesprekken en met een gevulde maag konden de laatste voorbereidingen voor het nakende vertrek worden getroffen.
Lang leve Turnhout en Joris’ vader
In de late namiddag vertrokken we op onze laatste uitstap in Varanasi. Op de agenda stonden enkele lokale projecten waaraan Fr. Amal meewerkt of zelfs uit de grond helpt stampen. Deze toonden de kracht van mensen in de Indische samenleving om op een structurele manier faciliteiten uit te bouwen voor de zwakkeren. Een aantal van de projecten zijn onderdeel van een Belgisch-Indische samenwerking, gefinancierd door schenkingen en geldelijke steun vanuit Turnhout. Ook de vader van Joris Gielen verzamelt actief fondsen voor deze nobele doelen. Op onze weg kwamen we eerst langs St. Mary’s hospital, een noodzakelijk ziekenhuis in een afgelegen gebied.

We kregen een rondleiding doorheen de lege ziekenkamers (voor de privacy), het labo, de intensive care en de operatiekamer. Hoewel het werk en de realisaties ongelofelijk zijn, konden we toch ook vaststellen dat het beschikbare materiaal beperkt is. Vooral het tekort aan grotere medische apparatuur viel op, zo was er bijvoorbeeld slechts één beademingstoestel.
Daarna bezochten we de aan dit ziekenhuis verbonden Nursery-school. Deze opent binnen een maand de deuren en probeert op een goedkope manier armere meisjes het vak van verpleegster aan te leren. We kregen een rondleiding doorheen de prachtige nieuwbouw en genoten van het weidse uitzicht van op het dakterras. Nadien konden we weer proeven van Indische gastvrijheid.
De volgende halte was Nav Vani, een plaatselijke school voor slechthorende en dove kinderen. Dit was een indrukwekkende ervaring. We werden erg hartelijk verwelkomd. Het communiceren met deze kinderen verliep grappig, met hindernissen … Gelukkig bezaten we in de groep ook enkele gebarentaaltalenten. Ook hier werden we enorm verwend met een ruime dosis aan hapjes en drankjes. Een prachtige afsluiter van dit verblijf.



Danku Fr. Amal, Fr. Paul en zovele anderen
En morgen is het zover, op naar een nieuwe streek, een nieuwe stad, een eerste hoofdstuk van deze reis wordt afgesloten. Een heleboel gevoelens overvallen ons: dankbaarheid voor alles wat we hier beleefden en ervaarden, voor de gastvrijheid, voor alles. (Dank u allemaal, het zijn er te veel om op te noemen. Dank u Fr. Amal en Fr. Paul voor alle zorgen, het genoegen was volledig aan onze kant. We zullen dit nooit vergeten.) Anderzijds zitten we ook vol plannen: al deze initiatieven verdienen steun en hier willen ook wij onze schouders onder zetten. We voelen ook onzekerheid en gemis: wat hadden we het hier goed, … en wat brengen ons de volgende dagen? Nieuwsgierig zijn we toch ook wel, klaar voor een nieuwe stap in onze Indische ontdekkingstocht.
Varanasi, je ervaren was een eer, een rijkdom, een onvergetelijke ervaring.
Bodhgaya, here we come!
Dagmar & Jeremie
