Indiablog 2012 - Dag 19

Van 21 januari tot 19 februari 2012 maken 21 studenten van de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen (KU Leuven) een studiereis doorheen India. Tijdens de reis zullen ze uitgebreid kennismaken met de religieuze rijkdom van dit fascinerende subcontinent. Op deze blog brengen zij dagelijks verslag uit van hun ervaringen...
Om hun belevenissen ook via facebook te volgen, klik op 
Dag 19 - Woensdag 8 februari 2012
Koningsmaal
Zachtjes tikt de regen ons wakker, onze eerste ochtend in dit fabelachtige oord Pemayangtse, te Pelling. De Khangchendzonga laat zich dan ook de hele dag niet zien, al willen we wel even tonen (zie foto) waar je hem normaal kan verwachten.

Met een knorrende buik lopen we de trap af. Beneden staat ons een echt koningsmaal te wachten. Een waar buffet van eitjes, taartjes, kleine pizza’s, kaneelcakejes, speciale rijstkoeken en muffins. De zoetigheden worden maar al te graag verorberd terwijl op de achtergrond het zachte praten weerklinkt van onze professor die de nodige uitleg geeft over de komende dagen. Hier en daar komen toch wat bezorgdheden naar boven; de koude is bij velen hét gespreksonderwerp van de morgen. Onze euforie omtrent het eten wordt er echter niet door getemperd en welgeluimd gaan we terug naar boven om onze valiezen te pakken.
Onderricht van de lama
Met de adviezen van Prof. Broeckaert in het achterhoofd begint onze kamer er al gauw als een waar slagveld uit te zien. Hier en daar onstaat zelfs een regelrechte ruilhandel: “Krijg ik een plastiek zakje van jou? Ik heb nog wat plaats in mijn valies als je wil...”. Rond 10u laten we onze rommelkamer voor wat het is voor het onderricht van de lama in de tempel. Een hele eer! Ven. Yapo Sonam Yongda is immers de hoofdlama van het hoofdklooster in dit voormalig boeddhistisch koninkrijkje.

De lama vertelt ons over de twee rijken: het 'common land' (onze huidige planeet) en het 'pure land' (eens men de verlichting bereikt heeft). Onze huidige planeet bestaat op haar beurt uit zes verschillende rijken, waaronder het mensenrijk, het dierenrijk, het rijk der goden, het rijk van de halfgoden, het plantenrijk en de hel. Het belangrijkste punt van zijn betoog is de idee dat het menselijk lichaam slechts een hotel is waaruit we ooit allemaal moeten uitchecken. Het lichaam is niet permanent, dat is het pas wanneer we het 'pure land' bereiken. Verder leren we ook dat Sikkim door de autochtone bewoners gezien wordt als 'sacred beyul': een sacraal verborgen land vol met spirituele en materiële schatten die eens ontdekt zullen worden.
De luister van het klooster
Na het luisteren mogen we onze ogen de kost geven en gaan we de talrijke schatten bezichtigen die het klooster herbergt. We zien boeken uit de 18e eeuw (sommigen zouden zelfs nog ouder zijn), grote blaashoorns en allerlei potten die (nu nog altijd) hun dienst bewijzen – blijkt immers dat de regenbui van de voorbije nacht hier en daar toch wat sporen nagelaten heeft. Tijdens het bezoek komen we ook maskers van dharmapala’s (woest uitziende beschermgoden) tegen die meerdere student schrik aanjaagt: het lijken immers precies echte skeletten. Onze ontdekkingstocht kent een hoogtepunt bij het zien van de miniatuurafbeelding van het 'pure land'. Ook onze professor is erg onder de indruk en kan het uiteraard niet laten om hier een kiekje van te nemen. Al gauw roept een man echter: 'No photograph', waarop onze professor prompt antwoordde: 'I got permission from the lama himself, ok?', waarna hij lustig verder fotografeert! Gretig kijkend wandelen we verder door de vele kamertjes van de tempel. Talrijke afbeeldingen van verschillende guru’s (waaronder guru Rinpoche: een erg belangrijke figuur hier in Sikkim) en woeste goden staren ons aan. Onze nieuwsgierigheid wordt echter vooral gewekt door een gouden doek dat schijnbaar achteloos opgehangen is. Wanneer de lama dat doek opzij trekt, wordt al snel duidelijk waarom het daar net hangt: een nogal –laat ons zeggen– ‘expliciete’ tekening van een man en een vrouw kleurt de muur! Natuurlijk snappen wij als pientere studenten dat het daar gaat om spirituele eenwording! En uiteraard wordt er niet gegniffeld, het gaat hier immers om een heel serieuze zaak, weet u?
Een Tibetaans schooltje
Na deze eerste kennismaking met deze vorm van Tibetaans boeddhisme, begeven we ons naar een schooltje gesticht door de hoofdlama. De school is omgeven door mist en ook in de grote zaal sieren de mistbanken het zicht. De sfeer voelt daardoor geheimzinnig en mysterieus aan, wat nog versterkt wordt door de grote gongen, de gebedsvlaggetjes en de de vele kaarslichtjes die we mogen aansteken.

Opnieuw weet de lama ons veel te vertellen: dit keer doet hij ons zijn eigen levenswandel uit de doeken. De kinderen verrassen ons met een welkomstlied en een warme kop thee waar velen dankbaar gebruik van maken om zich op te warmen. Opgekikkerd en vol ontzag luisteren we naar de gebedszangen van de lama en de kinderen. Zelfs de allerkleinsten zingen duchtig mee!

De kinderen hebben tijdens het gebed elk een wit sjaaltje vast, dat ze nadien aan ons schenken. Dankbaar verlaten we de in-mist-gehulde zaal om in het klooster wederom van een heerlijke, maar erg pikante!, maaltijd te smullen. Het liedje: “Burn, burn, burn, my mouth is on fire!”, weerklinkt nog maar eens.
Sanga Choeling Klooster
Niet veel later vertrekken we holder de bolder –en neem dit maar erg letterlijk!– met de jeeps naar een tweede klooster: Choeling. Het laatste stukje leggen we te voet af. Oei, oei, dat is al puffen en blazen, wat zal dat op de trektocht geven?


Onze inspanningen worden ruimschoots beloond door de grootse wandschilderijen binnen in het klooster. Opnieuw staren wel honderden ogen ons aan, sommigen al wat vriendelijker kijkend dan andere. Het woeste uiterlijk is echter misleidend: het gaat immers niet om kwade boosaardige goden of buddha’s, maar om machtige wezens. De schijbare ‘boosheid’ heeft als doel dit gevoel van macht uit te drukken. Het is voor velen onder ons een hele klus om inzicht te krijgen in deze vorm van Tibetaans boeddhisme. Het westers boeddhisme is immers heel rationeel en kent geen uitgebreid godenpantheon. Ook de mysterieuze verhalen omtrent de ontdekking van Sikkim die ons ter ore kwomen, kunnen we maar moeilijk plaatsen. Gelukkig is er dan professor Broeckaert: hij steekt opnieuw van wal en brengt enigszins verheldering. We verlaten de tempel niet voor ook wij eens aan de gebedsmolentjes gedraaid hebben!
Chang
Moe, maar zeer tevreden keren we terug naar ons gastklooster waar men ons opwacht met 'chang': een alcoholisch nectardrankje dat zoetjes binnenloopt … Maar daarna komt pas echt de crème de la crème: cherry brandy! Na enige aarzeling proeven we toch van deze sterke drank. Wees gerust: elk maar een nipje, meer zouden we als brave studentjes niet durven! Het goedje weet velen te bekoren. Wij, meisjes, kunnen enig protest niet onderdrukken wanneer de lama zegt dat dit een 'meisjesdrank' is: 'De ‘real stuff’ is very strong! Real Sikkim alcohol!'
Lekker warm vanbinnen, gaan we terug naar de kamers om onze tassen deftig te maken. Opnieuw steekt heel wat gepieker de kop op: t-shirt in de dagrugzak of bij de zak voor de dragers? En wat met onze felbegeerde koekjes die we zo zorgvuldig ingeslagen hebben? Soms lijken we met zijn allen wel veranderd in een bende hamsters! Uiteindelijk slagen we erin ons rommelnest om te toveren tot een nette kamer waar voor eenieders bed een secuur ingepakte valies klaar staat!
Mediteren en eten bij kaarslicht
Met enige trots verlaten we onze kamer in de veronderstelling vlug te gaan eten. We hebben immers om 19u aan de tafel afgesproken. De lama nodigt ons echter nog gauw uit in de gebedshal. 'Gauw' blijkt echter een heel rekbaar begrip te zijn en anderhalf uur later zitten we nog steeds te luisteren.

Ondertussen is de elektriciteit ook uitgevallen en behelpen we ons met kaarsjes, best gezellig! Enige tijd later schuiven we dan toch aan tafel om opnieuw ons buikje rond te eten. Het kaarslicht zorgt voor een bijna romantisch sfeertje en weet zelfs een huiselijk gevoel te creëen.

Voldaan zoeken we onze slaapkamers op, heel voorzichtig met de kaarsjes in de hand! Iedereen kruipt in de warme dikke slaapzak en al gauw liggen ze naast mij te ronken! Ondertussen installeer ik mij met mijn notitieboekje in de hand om de blog neer te pennen. Een blog schrijven bij kaarslicht, wie kan dat nu zeggen? Met op de achtergrond het zacht getik van de regen, blaas ik de laatste kaars – de andere drie zijn al lang opgebrand – uit. Morgen een nieuwe dag!
Annelien
